REFRESH
TERUGBLIK
  KATTEN
 
menu
"terugblik" index
menu
"terugblik"
index
 
 Heeft u ook een "terugblik" voor ons? 
 
OLLIE, GIJSJE, ROBBEDOES & ABELTJE
AbeltjeRobbedoesOllieGijsjeKristoffel
 

Mijn katten uit het asiel in Breda

In november 1992 heb ik mijn eerste twee katten, Ollie en Gijsje, opgehaald uit het asiel in Breda. Hoewel hun namen anders doen vermoeden, zijn het twee zusjes. Ze waren op dat moment een maand of 7 oud en zagen er heel gezond en weldoorvoed uit. Gijsje had zelfs zó'n rond buikje, dat ik nog even het vermoeden had dat ze misschien drachtig was. Toen ik een week na hun aankomst met ze naar de asieldierenarts ging om ze te laten inenten, bleek gelukkig dat dat niet het geval was.

Gedurende de eerste maanden gedroegen de dames zich wat schichtig; met name Ollie moest heel erg wennen aan haar nieuwe omgeving. Als er bezoek kwam, dook ze onder het bed of in de boekenkast, om er pas weer vandaan te komen als ze zeker wist dat de visite was vertrokken. Gijsje daarentegen ontpopte zich in een mum van tijd tot een aanhankelijke schootkat, al had ook zij wat reserves ten opzichte van vreemde indringers. Langzaam maar zeker begon ook Ollie te ontdooien en werd ook zij een echte knuffelkat, al is ze nog steeds wat gereserveerd als ze iemand nog niet kent.

Drie jaar later besloot ik er nog een kat bij te nemen. Om de kennismaking met Ollie en Gijsje zo vreedzaam mogelijk te laten verlopen, leek het me een goed idee om uit te kijken naar een jong katje. Hoewel er genoeg kittens worden aangeboden door particulieren, wilde ik toch weer graag een asielkatje. In het asiel kon ik tenminste objectieve informatie krijgen over het karakter van het beestje en ik vond het ook een prettig idee dat ze in het asiel al was ingeënt en nagekeken. Mijn keuze viel op Robbedoes, een piepklein, brutaal schildpadpoesje van tussen de 6 en 8 weken oud.

 

Robbedoes

 

Ik mocht haar mee naar huis nemen, maar moest haar nog twee weken beschikbaar houden voor als haar eigenaar nog zou komen opdagen. Ze was gevonden in een vrachtwagen en ogenschijnlijk gezond. Het enige waar ze flink last van had, was een ernstige vlooienbesmetting; haar huidje was op veel plaatsen kapot en zat onder de korstjes. Omdat Robbedoes nog veel te klein en kwetsbaar was om behandeld te worden met reguliere vlooiendruppels, kreeg ik van de asielmedewerker een potje antivlooienspul voor vogels mee.

Meteen nadat ik Robbedoes had laten kennismaken met Ollie en Gijsje, wat overigens zonder al te veel strubbelingen verliep, begon ze enthousiast rond te rennen en te spelen. Dit duurde jammer genoeg niet lang. Na een dag of twee bleef ze plotseling ineengedoken in een hoekje zitten. Ze wilde helemaal niks meer, niet eten en zelfs niet drinken, en ze zat alleen maar te beven. De dierenarts vond haar toestand nogal zorgwekkend, maar kon geen echte diagnose stellen. Waarschijnlijk was ze gewoon uitgeput door alles wat ze in haar korte leventje al had meegemaakt. Ze kreeg een injectie met antibiotica en vitamines. Verder moest ik haar speciaal, sterk geurend blikvoer geven. Toen ik haar dit voorzette, begon ze tot mijn grote vreugde als een bezetene te smikkelen. Binnen een week was ze er weer helemaal bovenop. Ook de vlooien waren gelukkig snel verdwenen, en Robbedoes groeide op tot een flinke, speelse kat. Al gauw werd ze dikke vrienden met Gijsje en dat is ze nog altijd. Onafscheidelijk zijn die twee.

 

Robbedoes Robbedoes Robbedoes Gijsje

In 1997 is er onverwacht nog een poes bijgekomen, een hele lieve lapjeskat die een zwerversbestaan leidde. Daardoor heb ik mijn plan om een katertje erbij te nemen even uitgesteld. Ondertussen was ik met mijn vier katten verhuisd van een flat naar een huis met een tuin, waar ik een grote kattenren heb laten bouwen, zodat ze ook lekker buiten kunnen spelen.

 

Kattenren

 

Begin dit jaar begon ik mijn zoektocht naar een katertje, dat goed bij mijn kattenspan zou passen. Via internet kwam ik in contact met het Kruimelhuis, een apart onderdeel van het asiel in Breda waar weeskittens worden opgevangen en grootgebracht. Zo kwam Abeltje, een heel stoer grijs-wit katertje, begin mei het team versterken.

 

Abeltje
 
Abeltje

 

Hij was, ongeveer 4 weken jong, samen met zijn twee zusjes achtergelaten in een doos in het bos, maar na 5 weken in het Kruimelhuis te hebben gebivakkeerd, was hij uitgegroeid tot een heel sociaal, kroelerig beestje, dat ook nog eens heel flink was voor zijn leeftijd. Omdat hij al gewend was om met volwassen katten en mensen samen te leven, verliep zijn introductie vrijwel vlekkeloos. Hij is erg op zijn huisgenootjes gesteld en is over het algemeen erg populair bij de poezendames.

Kortom, ik heb een heerlijk stel katten!

 
TERUG naar boven